SCHATTIG

1 mei 2007
‘Ben je nou nog niet klaar met die auto?’

Maar ik heb hem pas anderhalve week. En drie uur en tien minuten. Ik word betrapt als ik half verscholen achter een gordijn door het raam van onze woonkamer naar hem sta te kijken. Gewoon een beetje kijken. Ik ben er vandaag alweer een paar keer omheen gelopen en er in gaan zitten om de stoelen – elektrisch – nog eens optimaal te verstellen. Helaas hoef ik even nergens naar toe.

Het valt niet mee om hem goed te parkeren. Zoals hij nu staat, zie ik vanuit het raam van de woonkamer alleen de achterkant. Vanuit onze slaapkamer zie ik hem helemaal, maar dan van boven. En vanuit de werkkamer van mijn vrouw zie ik alleen de voorkant. Vanuit mijn eigen werkkamer op zolder zie ik hem zelfs helemaal niet. Mijn vrouw peinst er niet over om daarom van werkkamer te ruilen. Als ik hem een heel stuk achteruit zet, kan ik hem helemaal zien vanuit de stoel waarin mijn dochter over het algemeen televisie kijkt. Zij wil best ruilen, maar mijn vrouw wil tenminste één uur na zonsondergang de gordijnen dicht. Als hij zo geparkeerd staat, kan zij er trouwens niet uit met haar auto. Ik vind dat geen bezwaar, dan zet ik hem toch even opzij; zij vindt dat flauwekul. Eigenlijk zou hij het best aan de overkant van de straat staan, dan kan ik hem vanuit mijn eigen luie krantleesstoel in een oogopslag zien, maar ik heb me ervan laten overtuigen dat dat wellicht een tikje overdreven is.

Ik zucht en kom weer op de bank zitten. In mijn zak voel ik de afstandsbediening branden. Met één druk op een knop zou ik de koplampen aan kunnen doen; een voorziening die bedoeld is om me ‘s nachts veilig naar de voordeur te begeleiden of van de voordeur naar de auto. In donkere parkeergarages doet dat het waarschijnlijk ook leuk, maar daar ben ik natuurlijk nog niet geweest. Stel je voor dat iemand er aan zit. Ik beheers me, laat de sleutel met rust, maar bedenk dat het inmiddels genoeg schemert om de gordijnen dicht te doen.

De week tussen bestellen en afleveren duurde eindeloos, maar nu hij er eindelijk is, blijft het onrustig. Mijn omgeving reageert goed. Op de dag dat ik hem ophaal, krijgen we ‘s avonds meteen visite. Of het helemaal vrijwillig is, weet ik niet meer, maar de mannen lopen er uitgebreid en aandachtig omheen. Handen op de rug, natuurlijk, en ze begrijpen ook dat het nog te vers is om er al in te mogen zitten. De buurman die de krant uit de brievenbus wil halen, ontsnapt me ook niet. Hoewel nogal ecologisch georiënteerd en dus maar matig in auto’s geïnteresseerd, complimenteert hij me hartelijk. Dezelfde week nog een borrel met de buurt; dat komt natuurlijk ook geweldig goed uit. Auto’s zijn altijd al een goed mannengespreksonderwerp en mijn nieuwe auto helemaal. De buurt heeft hem ook niet kunnen missen, daarmee heb ik met parkeren nadrukkelijk rekening gehouden.

Halverwege de week belde de verkopende garage om te vragen hoe hij beviel. Stukje nazorg. Ze zullen vast niet veel klanten hebben die drie kwartier kunnen doorlullen over één week auto. Vanmiddag heb ik hem voor het eerst gepoetst. Met de hand. Was toch wel nodig na een week door weer en wind.

‘Doe jij de voordeur even op het nachtslot,’ vraagt mijn vrouw met een typisch lachje.

Aan de grijns op haar gezicht als ik terugkom in de woonkamer kan ik zien dat ze gehoord heeft dat ik toch weer even buiten ben geweest. Even maar.

‘Schattig,’ zegt ze alleen maar.

Nou moet ik gaan oppassen.

Tags: ,

Comments are closed.

 

mei 2007
M D W D V Z Z
« apr   jul »
 123456
78910111213
14151617181920
21222324252627
28293031