25e Elfstedentocht: HET ALTERNATIEF ANDERSOM

10 mei 2010

auto matZaterdag 15 mei wordt de 25ste Elfsteden Oldtimerrally verreden. Daarmee is deze toertocht voor historische automobielen zelf een klassieker geworden, zoals dat in auto-kringen heet. Maar een klassieker is nog geen oldtimer. Als de rally een auto zou zijn, zou hij niet aan zichzelf mogen meedoen – te jong.

Liefhebbers, klap de stoeltjes maar vast uit.

De Elfsteden Oldtimerrally heet niet voor niets zo. Een oldtimer is tenminste 60 jaar oud en jongere auto’s zijn dus van deelname uitgesloten. Natuurlijk heeft de organisatie ook geen enkele reden om de reglementen te wijzigen; aanmeldingen genoeg. Sterker: het loopt storm. Elk jaar in januari wordt een bestand van zo’n 1100 namen aangeschreven. Voor wie wil rijden is het zaak om de aanmeldingsformulieren zo snel mogelijk terug te sturen, want vol is vol. Eind januari zijn alle 400 startbewijzen voor auto’s en 200 voor motoren toegekend en sluit de inschrijving. Elk jaar moeten dus heel wat liefhebbers teleurgesteld worden. Voor oldtimerbezitters van heinde en ver zijn er maar twee redenen om niet mee te rijden in Friesland: te laat ingeschreven of een technisch probleem, het kreng wil niet rijden.

En toch, en toch. Er zijn uitzonderingen. Een aantal deelnemers van het eerste uur, ex officials, heeft dispensatie. Een Mercedes Benz 170D uit 1950, twee MG’s TD uit ’50 en ’53, een Taunus 12M Coupé, zoals mijn vader er een had, Citroëns Traction Avant en BII Sport uit respectievelijk ’52 en ’51 rijden ook mee. Schitterende auto’s, daar niet van, maar wel te jong. De Mercedes en de MG uit ’50 zouden zelfs dit jaar nog niet mee mogen doen, want de grens ligt op ’49.

En last but not least is daar uw verslaggever en zijn bijrijder, co-piloot, navigator en tevens fotograaf, die na enig aandringen en bij wijze van uitzondering de 24ste editie mochten meerijden als voorbereiding op deze jubileumreportage.

Gedoogd

Wij worden uiterst hartelijk ontvangen hoor, op de camping De Jerder, waar het overgrote deel van de deelnemers een dag vóór het evenement al zijn kampement heeft opgeslagen. Terwijl we normaal gesproken wel wat bekijks hebben met onze prachtige cabrio – een jonkie uit ’69, het jaar van Woodstock – vallen we hier in Sloten nauwelijks op. Hier is men wat gewend.

We moeten goed begrijpen dat we weliswaar mogen meerijden, maar dat we daarmee nog geen deelnemers zijn, We krijgen een rallyschild zonder nummer, met de opdruk ‘official’ en we staan op geen enkele lijst. Maar we hebben wél een routeboekje en een stempelkaart en na afloop krijgen we ook een metalen badge. Meer hebben wij niet nodig.

Achteraf wordt op een hele aparte manier duidelijk hoe serieus die leeftijdskwestie is. Op het internet wemelt het van de foto’s van alle edities. Officiële en on-officiële. Bolsward TV heeft een videoreportage gemaakt. En helemaal nergens zijn wij te zien. Dat kan haast niet toevallig zijn, want we hebben ons op reportage dwars door de stoet begeven. Achteraan gebungeld omdat we iedereen langs lieten rijden voor de foto, maar ook stukjes gas gegeven, om de lunch te halen bijvoorbeeld. Gezwaaid naar fotografen, op en neer gereden voor tv-camera’s. Burgemeesters de hand geschud. Stukje gedanst met een dixieland band. Je hoeft ons, ervaren rallyrijders, niet uit te leggen hoe je in beeld moet komen. En dan zouden wij niet op één foto staan?

Symboliek

In het programmaboekje van onze editie loopt de telling van de deelnemers trouwens door tot 402. Nummer 401 is een Citroën Rosalie 10A uit 1933 en nummer 402 een Hotchkiss L.Coupé uit 1925. Beide automobielen rijden niet het hele traject omdat de voorzitter en de secretaris ook nog wel wat andere verplichtingen hebben.

Wacht eens even, bestond het bestuur niet uit 4 personen? Bestuurslid algemene zaken Ria zal misschien even tijd hebben om bij haar man in de Hotchkiss te stappen, maar waar is de penningmeester? Die vinden we terug op de laatste en 192ste plaats bij de motoren met zijn Harley Davidsom WLC uit 1943.

En voordat we gaan rijden nog één ontroerend detail uit het programmaboekje. Startnummer 1 is toegekend aan de Ford A Tudor uit 1930 van oud voorzitter Alo Kranenborg, oprichter van de stichting en jarenlang inspirator. De legendarische voorzitter in 2008 overleden.

We starten de motoren.

Met loodvervanger

Wij hebben met onze relatief moderne auto een ontspannen tocht. Hoewel mijn bijrijder fotograaf en navigator tegelijk is, verdwalen we niet. Overal langs de weg zitten mensen op klapstoeltjes en terrasjes, op een dekentje in het gras. Op stillere stukken in de route staan jongetjes strategisch opgesteld op twijfelpunten om de juiste route aan te wijzen. In Hegebeintum, waar op de hoogste terp van Nederland een schilderachtig kerkje ligt, schudt burgemeester Wil van den Berg van de gemeente Ferwerderadiel passerende automobilisten persoonlijk de hand en wijst ze desgevraagd de weg naar de beste gehaktballen van zijn gemeente. Op het terras in Blije dat hij ons aanraadt, raken we bij een Shantikoor ernstig achter op schema. Af en toe schijnt een waterig zonnetje en de kap kan de hele dag omlaag. In Dokkum, nog niet eens halverwege, moeten we een zonnebrandcrème kopen voor verbrande neuzen.

Zo ontspannen is het voor veel deelnemers niet.

Jos van Jaarsveld uit Montfoort bijvoorbeeld is met zijn American Lafrance uit 1917 in de ochtend als een van de eersten vertrokken. Om praktische redenen. De enorme spider, gebouwd op het ingekorte chassis van een brandweerwagen, met een monstrueuze cilinderinhoud van 14,5 liter moet namelijk enigszins vaart houden als hij na een omvangrijke procedure eenmaal gestart is. Op stapvoets rijden en stationair draaien is de Amerikaan met Franse genen niet dol. Daar staat dan weer tegenover dat de auto uitsluitend met grof geweld tot stilstand kan worden gebracht. Alleen de achterwielen hebben trommelremmen. Het verhaal gaat dat ook dat de brandweerauto’s, als ze eenmaal waren uitgerukt, vaak pas tégen de uitslaande brand stopten. De toeschouwers die zo vroeg hun stoeltjes nog niet hadden uitgeklapt, moeten aan het trillen van de kopjes op hun ontbijttafel hebben gemerkt dat Van Jaarsveld voorbij daverde en anders wel aan het knarsen van zijn ongesynchroniseerde driebak dat de Friese katten de bomen in jaagt.

De kleine kudde Austins Seven – vriendenclubje – die ons een paar keer knetterend inhaalt, heeft het ook niet makkelijk op zijn keiharde bladveren, bestuurder en bijrijder lekker dicht op elkaar in de piepkleine cockpit.

Er zijn trouwens meer onderling georganiseerde deelnemers. De Eysink Club bijvoorbeeld, viert zijn twaalf-en-een-half jarig jubileum met de aanwezigheid van 8 vooroorlogse 125 cc motoren.

De sissende en fluitende stoomauto – een unieke bezienswaardigheid – passeren we verschillende malen. Telkens is hij aan het tanken. Water, wel te verstaan. Hij gebruikt zo’n 750 liter  gedurende de hele rally. Terwijl wij slechts ruim 50 liter superbenzine met loodvervanger verstoken op de route van zo’n 230 kilometer.

De Wegenwacht is ruim aanwezig. Dat heeft ongetwijfeld te maken met het feit dat de voorzitter van de stichting teammanager van de regio Noordoost is, maar de rondlopende wegenwachters wekken nou niet bepaald de indruk dat de baas ze heeft moeten dwingen. Die jongens willen ook wel weer eens vieze handen krijgen in plaats van chips voor motormanagement uitlezen en printplaatjes vervangen. Ze kunnen hun hart ophalen, het is druk en niet iedereen komt op eigen kracht thuis. Desgevraagd wil een van de mannen wel de indruk bevestigen dat er hier en daar misschien wat achterstallig onderhoud is.

Wij denken dat het ook wel eens overdadig onderhoud zou kunnen zijn. Met name aan de motoren wordt op de camping voortdurend gesleuteld en proef-geknetterd

Andersom

Friesland ligt er prachtig bij in mei. We nemen de route na de start uit Sloten verkeerd om, tegen de klok in, in plaats van met de klok mee. Dus vanuit Sloten richting IJlst. Het mag de pret niet drukken. De deelnemers genieten van de tocht en de hartelijke ontvangst in de steden en op fourageplekken, de enthousiaste mensen langs de weg genieten blijkbaar van de parade van bijzondere automobielen. Het lijkt niemand te deren als we de smalle straten van de historische binnensteden in een blauwe walm hullen als we door de drukte in file moeten rijden.  Vanaf de stoep van een historisch pandje in Bolsward, krijgen we een flesje bier aangereikt, omdat we toch in gesprek raken. In Sloten zetten twee ouders hun zonen op de achterbank om een rondje mee te rijden.

Opvallend veel kenners in het publiek, die het bouwjaar van onze auto feilloos oplepelen en zich dan hardop afvragen waarom wij mogen meerijden. We kunnen ons niet aan de indruk onttrekken dat er hier en daar sprake is van jaloezie. Ongetwijfeld staat in menig Friese garage prachtig blik dat op leeftijd wordt gediscrimineerd. Over het algemeen wordt onze smoes dat we op reportage zijn wel geaccepteerd. De dag is te mooi, onze grijnzen te breed om het ons te misgunnen.

We zorgen dat we geen stempelpost missen, ook de ‘geheime’ niet, en na afloop zijn we zo trots op de welverdiende badge als de maratonschaatser op zijn kruisje, maar verder heeft de Rally eigenlijk nauwelijks meer iets te maken met de Tocht der Tochten; al was het maar omdat hij elk jaar gewoon sil heve.

De Elfsteden Oldtimerrally staat namelijk als een huis. Strak toelatingsbeleid, mooie tradities en een stabiele organisatie, zo wordt je het grootste eendaagse oldtimer evenement van Europa.

Tags: , , , , ,

Comments are closed.

 

mei 2010
M D W D V Z Z
« jan   jun »
 12
3456789
10111213141516
17181920212223
24252627282930
31