TOEREN

27 september 2011

Vroeger, toen alles anders was, niet beter, maar anders, gingen mijn vrouw en ik op zondagmiddag nog wel eens een stukje rijden. Toeren. Omdat ‘toeren’ toen iets was voor middelbare echtparen in DAF of Kadett en wij toen nog geen middelbaar echtpaar waren en bovendien ook toen al tweedehands Engels reden, vertelden we elkaar en wie dat eventueel nog meer wilde horen, dat we op huizenjacht gingen. Dat we een doel hadden, als het ware, en niet zo maar een beetje gingen cruisen, zoals dat later zou gaan heten.

Dat was ook bijna waar. Vaak hadden we uit de krant van zaterdag – zo ging dat toen nog – een advertentie geknipt van een huis dat ons wel leek en daar gingen we dan zogenaamd op af. En liefst ook binnenkijken; want dat was een aanpalende hobby die zich van lieverlee ontwikkelde. Gewoon kijken hoe wildvreemde mensen erbij zaten. Eigenlijk hadden we helemaal niet zo’n haast om te verhuizen. Kinderen hadden we nog niet, hoewel we druk aan het oefenen waren, katten nauwelijks of in elk geval veel minder dan tegenwoordig en over kippen hadden we nog niet eens nagedacht. Het was destijds ook nog niet gebruikelijk om kippen te houden op het balkon van een gallerij-flat op de elfde verdieping in de grote stad. Voor onszelf en die paar katten hadden we ruimte zat. Onze flat was groot genoeg om elkaar op de fiets achterna te zitten als we dat gewild hadden. Qua meubels had dat overigens goed gekund, want die hadden we nauwelijks. Maar onze fietsen stonden in de berging op de begane grond.

Vele zondagen toerden we zo in steeds grotere cirkels rond onze stad. Langs idyllische plekken aan schilderachtige riviertjes, door rustieke dorpskernen waar de zondagsrust vaak alleen door ons verstoord werd, door Hollandse coulisselandschappen met woonboerderijen die later boerderettes zouden gaan heten. We waren jong en verliefd en vanuit de beslotenheid van onze auto aanschouwden we de buitenwereld.

Het huis dat we uiteindelijk gekocht hebben, waar we onze kinderen hebben gekregen, heel veel katten, nog meer kippen en dat een garage voor onze Engelse auto had, waar we tenslotte een middelbaar echtpaar zijn geworden en nog steeds met veel plezier wonen, dat huis hebben we gevonden in de straat waar mijn zus al jaren woonde, getipt door mijn zwager.

En nu toeren we niet meer. Als we er op zondag samen op uit gaan, is dat nogal eens met de fiets. En dan meer voor de sportiviteit en dus hard, dan om rond te kijken. Als de oude Engelse auto uit de garage komt, is het meestal voor een tochtje met mij alleen. Dat is niet zielig, dat is rustgevend. Soms, als we in clubverband een toertocht maken, gaat mijn vrouw nog wel mee, als navigator met de routebeschrijving op schoot. Hoe kundig dat ze dat ook doet en hoe schokbestendig het huwelijk steeds weer blijkt tijdens dat soort ultieme tests, het is toch anders dan wanneer je jonge bruid naast je een soort van kaart zit te lezen terwijl het er eigenlijk helemaal niet toe doet of we dat huis uit de advertentie ook echt gaan vinden.

Als wij tegenwoordig samen in onze nieuwe Engelse auto stappen, gaan we ergens naar toe. Afgelopen zondag naar Schoonhoven, Zuid-Holland, aan de Lek. Ik moet bekennen dat ik daar net zo min van gehoord had als u, maar het stadje blijkt bekend te staan als zilverstad en wij hadden een zilveren kandelaar die door een van onze talloze katten omver gekukeld was en nodig gerepareerd moest worden. Jazeker, we hebben ook wel eens betere smoezen om te gaan rijden. Op de heenweg niks aan de hand, maar op de terugweg kan ik me opeens op de N210 bij de afslag Cabauw niet meer beheersen. Zo’n dorp ligt daar maar en als we het nu niet zouden aandoen, zouden we er waarschijnlijk nooit van ons leven meer komen. Mijn vrouw becommentarieert de te koop staande boerderijen die we passeren alsof we net getrouwd zijn.

‘Moesten we weer eens doen,’ zeg ik, ‘makelaar bellen, zeggen dat we net ons bedrijf verkocht hebben en geen huis te verkopen hebben en op zoek zijn naar iets riants.’ Ze knikt nostalgisch instemmend. Van Cabauw naar Polsbroekerdam. Nog meer huizen te koop.

Maar als ik op een kruispunt even niet kan kiezen tussen richting Benschop of Willeskop, grijpt ze in.

‘We gaan naar huis,’ zegt ze, ‘kopje thee zetten voor de kinderen; het is proefwerkweek.’

Vroeger was alles anders.

Comments are closed.

 

september 2011
M D W D V Z Z
« mei   okt »
 1234
567891011
12131415161718
19202122232425
2627282930