VOGELS TELLEN

12 februari 2013

Uitgerekend aan het eind van de week dat de Fries eens achter in de kast ging kijken waar die dikke wollen trui ook al weer lag, waarin de Hollander blijmoedig van het ene wak in het andere schaatste als hysterische voorbereiding op een Elfstedentocht, een week dat het net een beetje leuk begon te vriezen dus, organiseerde Vogelbescherming Nederland de Tuinvogeltelling.

Sinds jaar en dag doen de katten en ik mee aan dat evenement, om verschillende redenen. Ruim na dag en dauw zitten we klaar, ieder achter zijn eigen raam zodat we de hele tuin kunnen overzien als we tenminste wakker kunnen blijven. De vogelgidsen en pen en papier liggen klaar; we hebben afgesproken dat ik de aantekeningen maak. Het loopt niet storm; we tellen niks. Ik denk dat het behalve door de kou komt doordat wij het spel eerlijk spelen. Wij proberen niet de vogels onder valse voorwendsels met vetbollen en notennetjes onze tuin in te lokken zodat we Vogelbescherming Nederland en de buren kunnen imponeren met onze hoge tellingen. Zoals de buren. Wij tellen alleen vogels die zich spontaan en vrijwillig in onze tuin melden. En die zijn er dus niet. De lezer zonder voorkennis zou allicht kunnen denken dat onze katten daar een rol in spelen; een vogel zou zich wellicht niet op zijn gemak voelen in een tuin met jagende katten. Dat speelt bij ons totaal niet. Onze katten jagen alleen op mijn vrouw als die met een geopend blikje richting hun etensbakjes loopt en bovendien komen ze met dit weer alleen in allerhoogste nood buiten, met hoog opgetrokken pootjes op de nagels van hun tenen door de koude sneeuw. Als onze katten gevaarlijk zouden zijn, zouden we onze druiven- en bessenoogst dit najaar niet helemaal zijn kwijtgeraakt aan de merels. De buurteksters hebben er zelfs een spelletje van gemaakt om onze katten de stuipen op het lijf te jagen met krijsende duikvluchten; het lukt ze elk keer weer, láchen!

Meteen na de lunch komen onze kippen voorzichtig naar buiten om te kijken of ik hun drinkbakje al ontdooid heb. Strikt genomen zijn dat natuurlijk ook vogels: ze leggen eieren en kunnen bijna vliegen. En de verleiding is groot; je wil ook als kritisch teller toch wat te tellen hebben. Voor de zekerheid kijken we de scorelijst/vogelzoekkaart op de website van Vogelbescherming er op na, maar daar staat de Wyandotte niet op, zoals verwacht. Speciaal voor Amsterdammers, die zoals bekend maar twee soorten vogels kennen: de sijs en de drijfsijs, staat er wel de stadsduif, een typische statistiek-vervuiler.

Als ik halverwege de middag een kopje thee zet, zie ik dat het in de tuin van de buren een drukte van belang is, en dat is logisch. Zodra de merels hun druivenoogst verorberd hebben, beginnen zij met bijvoeren. Vetbollen, restjes rijst, pindasnoeren, overrijp fruit, een waar buffet is er aangericht. Uit de verre omgeving komen de vogels hier naar toe. Ik zie vele weldoorvoede exemplaren, ik zie ook overgewicht. Deze vogels zoeken geen eten, deze vogels komen eten. Rechtstreeks uit hun warme holletjes, kansloze tuinen als die van ons mijdend. Huismussen en heggemussen naast elkaar zodat je ook goed het verschil kunt zien, kramsvogel, koperwiek, de hele scorekaart van Vogelbescherming Nederland wordt aangetroffen in de tuin van de buurman. Ik zie hem niet, maar hij zit ongetwijfeld achter zijn keukenraam vergenoegd te turven. De katten en ik geven het op, wij vullen in: 0 vogels geteld! Het winterkoninkje dat op het nippertje op de terugweg uit de tuin van de buren even bij ons komt uitboeren, tellen we uit balorigheid niet mee.

’s Anderendaags lezen we dat de telling van dit jaar een ongekend succes was omdat de vogels in de vrije natuur weinig voedsel vinden en dus bij de mensen in de tuin gaan zoeken. Dus in tegensteling tot wat wij dachten, is dat bijvoeren juist de bedoeling. Tuinvogeltelling in Nederland is tegelijkertijd een vetbollensmaaktest. Bijna 50.000 tellers hebben gemiddeld maar liefst 20 vogels geteld, zie ik op de website. Je kunt daar ook je postcode invoeren en daaruit blijkt dat bij ons in de buurt de merel het meest voorkomt. Gezien mijn druivenoogst begrijp ik dat wel. Tevens begrijp ik dat extreme en opvallende resultaten niet zijn meegeteld; dat zijn dus de buurman en ik.

 

 

Leave a Reply

 

februari 2013
M D W D V Z Z
« dec   mei »
 123
45678910
11121314151617
18192021222324
25262728