Een uitgave van mats bv ©

AFSCHEIDSCONCERT

Jaargang XI, 27

MATSMILLENNIALS

2/20/20262 min read

Als het aan onze zoon had gelegen, was hij met terugwerkende kracht een jaar geleden al opgehouden met pianoles, maar pas nu, met het einde van het schooljaar en de grote vakantie in zicht, zijn onze piano, de pianojuf en mijn zoon in één machtige beweging uit hun lijden verlost. Hij hoeft niet meer. Beter gezegd: hij hoeft voorlopig niet meer. Als het ergste een beetje gezakt is, gaan we op zoek naar een leuke leraar of lerares en dan proberen we het gewoon nog een keer. En als het dan nog niets is, mag hij alsnog op ballet. Grapje tussendoor.

Het compromis is van mijn vrouw. Nu is het niet de bedoeling dat wij als echtpaar en opvoeders elkaar afwisselen in de toeschietelijkheid, maar dit keer was zij degene die toegaf, terwijl ik meestal de slapjanus ben en juist in dit geval voet bij stuk wilde houden. Dat zal er mee te maken hebben dat ik ergens het vermoeden heb dat de jongen enige aanleg heeft en dat ik zeker weet dat hij af en toe zit te swingen achter de piano.

Bovendien zijn wij niet gewend dat iemand ergens mee ophoudt. Onze dochter bijvoorbeeld, zit al sinds mensenheugenis op ballet. En dan de piano zelf; jarenlang gehuurd en uiteindelijk toch maar aangeschaft, waarna mijn zoon er prompt de brui aan geeft. Ze groeien me niet op de rug, zou mijn moeder zeggen.

Mijn vrouw ging om nadat ze mijn zoon zelf een keer gebracht en gehaald had. Door omstandigheden is dat op de vrijdagmiddag meestal mijn taak en ik gebruik de lestijd vaak om in een naburige supermarkt vliegensvlug de wekelijkse boodschappen te doen. Daar staat tegenover dat zij mijn dochter dan altijd naar balletles brengt. We wisselen elkaar namelijk wel af in taakverdeling. Er moet die dag iets geknakt zijn in mijn vrouw, want toen ze thuiskwam werd na kort crisisberaad besloten om juf te bellen. In dat soort zaken wisselen we elkaar helemaal niet af, die doet zij, gewoon omdat zij langer vriendelijk kan blijven.

Ze wilde juf uitleggen dat hij met onmiddellijke ingang niet meer zou komen, maar de uitkomst van het telefoongesprek was dat hij nog één les zou volgen en daarna zou optreden in het laatste concert van het jaar. Juf is ook niet van gisteren, die laat zich de leerlingenkaas niet van het brood eten.

Hoewel wij als ouders de natuurlijke en biologische neiging hebben om onze kinderen diep lief te hebben, kunnen wij niet alle schuld van het pianodebacle bij juf leggen. Oefenen ging vaak moeizaam bij de jongen en theorie leren was ook niet zijn sterkste punt. Aan de andere kant heb je als pianojuf niet alleen van doen met gezeglijke lieve meisjes en grote talenten. Zo’n jongetje dat het waarschijnlijk niet verder zal schoppen dan kroeg- en verjaardagspianist, moet toch ook een kans krijgen.

Zondag was dus zijn afscheidsconcert. Toen we even niet opletten, maakte zijn zus een afspraak om met een vriendin naar de bioscoop te gaan, maar wij zijn er met z’n tweeën natuurlijk wel; zelfs een beetje gekleed voor de gelegenheid.

Hij staat vandaag met het stuk ‘De Banjospeler’ op het programma. Een vrolijk en opgewekt deuntje dat hij helemaal in de vingers heeft.

Het optreden is bijzonder veelzeggend. Nog maar net hebben de laatste klanken van zijn voorganger geklonken of onze zoon zit al op de kruk. En voordat het verbouwereerde publiek het in de gaten heeft, is hij al halverwege zijn stuk. Hij speelt het, zoals ik het hem nog nooit heb horen spelen. Rustig, kalm, saai en duf, terwijl het levendig moet en vlot. Juf zit heel tevreden mee te knikken. Die twee zitten duidelijk niet op hetzelfde ‘level’. Terwijl de laatste noot nog naklinkt heeft hij al zijn boek dichtgeslagen, even kort gebogen voor het applaus en is weer heel vlug tussen ons in gaan zitten. Opluchting heeft een naam en dat is de naam van onze zoon.

Met dank aan zijn onmuzikale moeder.