Een uitgave van mats bv ©

BEVALLEN

Jaargang XI, 22

Goed beschouwd ben ik in dit gezin de enige met verstand van bevallen. Nou vooruit, misschien op mijn vrouw na dan, hoewel het zelf baren van kinderen natuurlijk iets heel anders is dan als begin- en eindverantwoordelijke erop toezien dat alles goed verloopt.

Maar zeker bij het bevallen van katten, kan ik bogen op een brede ervaring en een haast spreekwoordelijke koelbloedigheid als het eropaan komt.

Het komt dus wel heel erg beroerd uit dat de poes dreigt te gaan bevallen als ik nog op anderhalf uur rijden van huis ben. Ik heb mijn mobiele telefoon in mijn colbert laten zitten en ik ga onder het rijden niet rommelen om hem tevoorschijn te halen, maar aan het voortdurend rinkelen begrijp ik dat ik een parkeerterrein moet opzoeken.

‘Papa, papa, het gaat gebeuren, kom vlug thuis.’

Hoewel wij het standaardwerk over poezen een paar keer samen hebben doorgenomen en de theorie dus behoorlijk onder de knie hebben, voelen mijn kinderen instinctief aan dat het hoofd van dit gezin nu aan het front nodig is. Op de achtergrond hoor ik dat mijn vrouw toch ook maar vast wordt opgetrommeld, die zich net met een Marokkaans kleimaskertje in een bad met esoterische oliën had laten zakken.

‘Jullie roepen al de hele tijd dat het nu gaat gebeuren, ik had vast nog wel even lekker in bad kunnen blijven.’ De druppels spetten op de parketvloer.

‘Nee hoor mama, er komt al van alles uit haar vagina.’

Dat soort praatjes hoef ik niet te horen als ik nog moet rijden. Ik geef gas.

Als ik met piepende remmen en rokende banden uiteindelijk onze oprit opscheur, komt mijn vrouw me al tegemoet rennen in haar badjas. ‘Er is er al eentje.’

Dat valt me mee van die kat. Het beest heeft een hele onbenullige uitstraling over zich, maar blijkbaar mankeert er niets aan haar instinct. Alleen jammer dat ze niet begrijpt dat ze geacht wordt te bevallen in die prachtige doos waarmee wij al weken door het huis slepen om het meest ideale plekje te vinden en die bovendien gestoffeerd is met een van mijn favoriete T-shirts. Haar ideale plekje blijkt een garderobekast te zijn. Ook goed, van dat soort dingen ligt in dit huishouden van Jan Steen niemand wakker.

Na een dik half uur zijn er zonder enig probleem drie katjes geboren. Wij feliciteren elkaar hartelijk. Drie is precies genoeg, zoveel kunnen we er kwijt. Pas de volgende ochtend, na een korte en onrustige nacht, zal blijken dat er nog een vierde geboren is. Ze piepen en ze drinken, worden schoongewassen door hun moeder en warm gehouden door onze adem, want we liggen er natuurlijk met onze neuzen bovenop. Het is dringen in de garderobekast.

We zijn allemaal ontegenzeggelijk een beetje ontroerd.

‘Lief hè papa, lief hè?’ De kat spint op de geluidssterkte van een bromfiets. Alleen de pleegvader neemt geen deel aan het algemene gezinsgeluk. Die lijkt zich te realiseren dat het gedaan is met de rust en is een blokje om.

Het zou in deze omstandigheden wel buitengewoon onsportief zijn van Justitie als de bekeuringen voor te hard rijden die ik onderweg bij elkaar gesprokkeld heb, daadwerkelijk werden opgestuurd.