Een uitgave van mats bv ©

CORVEE

Jaargang VII, 37

'Kan ik nu weer alleen gaan spelen?' vraagt mijn zoon.

We trekken al de hele dag met elkaar op. Vanochtend samen uitgeslapen. Dat wil zeggen, hij en zijn zus en een tekenfim bij ons in bed en ik met een kussen over mijn hoofd. Daarna samen naar de kapper, Jack de Knipper, op afspraak tussen mijn vrouw en Jack. Naderhand doen we meteen een boodschapje in het dorp. Soms krijg ik nog een hand, soms 'hangt' hij nog, en soms sla ik mijn arm om zijn schouder, want wij zijn vrienden. Na de lunch gaat mamma heel lang het bed opmaken, verdwijnt de dochter naar zolder met de Barbies en gaan wij samen naar de tuin om die zo'n beetje najaarsklaar te maken; barbecue opruimen.

Hij kan heel goed helpen met van alles en heeft daar meestal ook best wel zin in. Het leuke voor hem is dan dat hij aan een stuk door kan kletsen en ook nog af en toe antwoord krijgt.

'Breng jij dit even daarnaartoe, jongen, dan leg ik dit weg.'

'Dat is goed, dan komen we straks ons weer tegen.'

Maar nu wil hij blijkbaar weer even op zichzelf zijn.

'Ik ben wel een beetje moe geworden.'

Moet kunnen. Naarmate ze ouder worden, krijg je meer tijd van de dag van je kinderen terug. Ik geniet van zo'n rimpelloze vader/zoon-dag, als blijkt hoe je aan elkaar gewend bent en hoe goed je bij elkaar past. Ik mag graag denken dat in een modern huwelijk zo'n vadercorvee vanzelf volgt op een moedercorvee; vorige week was ik met de jongens met auto's aan het spelen in Zandvoort, dit weekend een schoonheidsslaapje en een lange visite aan de schoonheidspecialiste voor mama. En het geëmancipeerde zit hem dan daarin dat we beide ook samendoen.

We zijn de jongen deze zomer druk aan het voorbereiden geweest op een belangrijk nieuw seizoen: hij gaat naar groep drie, de leesgroep. We oefenen soms alvast wat met letters en woorden. Daar hebben we soms zin in en soms niet. En dat geeft niet, want straks als de juffen beginnen, gaat het snel genoeg.

Ongeveer tegelijkertijd vieren we zijn zesde verjaardag en dat heeft wat hem betreft even prioriteit. Hij wil gaan bowlen met zijn vrienden.

Mijn vrouw vindt dat bespreekbaar: 'Eens even zien hoeveel kornuiten hij mee wil nemen.'

Nu eten we een pasta-salade die mama nog gemaakt heeft voor ze wegging en dus zelf niet mee-opeet. Uit een tijdschrift, gezond en toch heel smakelijk. Omdat we maar met z'n drieën zijn en omdat het zo gezellig is, doen we het zoals het eigenlijk helemaal niet mag. De zoon speelt met één hand Gameboy en zijn zus leest de Donald Duck. Ik droom weg en bulk van de tevredenheid. Kijk opzij naar mijn zoon.

Hij voelt de blikken in zijn wang prikken.

'Wat is er papa?'

'Helemaal niks,' zeg ik.