Een uitgave van mats bv ©

CROISSANTS

Jaargang X, 26

Heel voorzichtig heb ik al eens één ooglid opgetrokken. Ik kan de klok op de televisie in onze slaapkamer niet helemaal scherp zien, zo zonder bril, maar het eerste cijfer lijkt wel een negen. Dat kan niet waar zijn. Ik ben vergeten. Sinds wij kinderen hebben, is uitslapen een dierbare herinnering. In mijn studenten-vrijgezellentijd moest ik nog wel eens de wekker zetten als ik een lunchafspraak had, maar tegenwoordig ben ik al blij dat het überhaupt licht is als ik word gewekt door vrouw, kinderen of andere verplichtingen. En dan heb ik het in feite nog getroffen ook. Na al die eindeloze jaren huwelijk krijg ik nog elke dag trouw een kopje koffie bij het ontwaken op bed. Niet voor niets noemen ze dat wel een ‘bakkie troost’. Echte liefde komt in vele gedaanten zeg ik vaak. Mijn kinderen heb ik gedeeltelijk zelf opgevoed, dus die weten dat papa ’s ochtends niet als trampoline gebruikt wenst te worden, wat je in sommige belachelijke tv-reclames nog wel eens ziet.

Na een kwartiertje licht schuldbewust dommelen probeer ik het eens met een ander ooglid. Jazeker, het kan niet missen, ik ben aan het uitslapen. Het leuke van uitslapen is niet het slapen, maar juist het half wakker zijn en nog niets te hoeven, maar weten dat het elk moment afgelopen kan zijn. Ik hoef het de liefhebbers niet uit te leggen. En zie, daar gaat de deur op een voorzichtig kiertje. Het was lekker voor zolang het duurde.

‘Wil je al opstaan of nog even lekker blijven liggen, schat?’

Waarschijnlijk ben ik vannacht in mijn slaap overleden en ondanks alles in de hemel terecht gekomen en staat er nu een engel aan mijn deur die sprekend op mijn vrouw lijkt. Nee toch niet, een begrijpelijke vergissing, zeker omdat ze gisteren nog naar de schoonheidsspecialiste is geweest, maar ze is het echt. Van de verwarring ben ik bijna helemaal wakker.

‘De zoon slaapt nog…’ De jongen heeft toch het meest van zijn vader en bovendien gisteren de hele wedstrijd van het Nederlandse elftal in het kader van het Europees Kampioenschap mogen zien. ‘…en hij wil natuurlijk tegelijkertijd met ons je cadeautje geven.’

Kloínk, daar valt het muntje: het is vaderdag. Hoe kon ik het vergeten en mijzelf zo wegcijferen. Niets voor mij. Het moet de drukte zijn. We zitten namelijk midden in de festiviteiten rond de tiende verjaardag van mijn dochter. Gisteren waren de tantes op visite en die zijn ook gezellig naar het voetballen blijven kijken - vandaar ook de moeite om twee oogleden tegelijk op te tillen – en vandaag verwachten we maar liefst twaalf meiden voor haar verjaardagspartijtje.

Terwijl ik hoor hoe de jongen lieftallig wordt gewekt door zijn zusje en de geur van versgebakken croissants naar boven stijgt, ga ik rechtop zitten en me verheugen op mijn cadeautjes.

Ik heb een abonnement op betaal-televisie gevraagd, een draaitafel om mijn oude elpees over te zetten op cd, een nieuwe kalfslederen portefeuille en een PCMCIA-kaart om draadloos met mijn draagbare computer in de tuin te kunnen internetten. Maar dat laatste is misschien wat ingewikkeld, heb ik erbij gezegd, dus dat wil ik ook wel zelf kopen.

Ik krijg twee poloshirts, een gele en een zwarte, maar ik mag ze nog ruilen, een zelfgeschilderd koffiekopje en een boekje met gebundelde vader-verhalen van de kinderen uit de klas van mijn dochter en een zelfgeknutselde vaas annex pennenbakje van mijn zoon.

Ik ben een bevoorrecht vader.