Een uitgave van mats bv ©

DE NATUUR

Jaargang IX, 17

De kat zit smakelijk aan een muisje te knabbelen in de bestek-lade van onze eettafel. Natuurlijk is dat hartstikke smerig! Met een ijselijke kreet verjaag ik het roofdier en zijn ongelukkige prooi dan ook naar de keuken. Vervolgens moet ik met de pook van de open haard onder het fornuis porren, want ook dat lijkt me geen al te hygiënische plek. Het aanrecht ook niet, de slaapkamers van de kinderen niet, onder de koelkast evenmin en in de garage onder de klassieke auto van papa is echt vragen om levensbedreigende moeilijkheden.

De wilde achtervolging door het huis levert mij de grote verontwaardiging op van mijn twee Wereldnatuurfondsers, hoewel muizen noch katten hopelijk tot beschermde diersoorten gerekend mogen worden, de gillerige hilariteit van mijn dierbare echtgenote, die nog nét niet klassiek op een keukenstoel gaat staan en de diepe haat van onze Blanco, tenminste tot aan de volgende voer-verschaffing. Uiteindelijk lukt het me de kat terug de natuur - nou ja, de achtertuin - in te jagen. Met een diepe grom van verontwaardiging stort hij zichzelf door het kattenluik. De bek leeg, waar is die muis gebleven? Dat is pas echt onhygiënisch. Had dan de bestel-lade dicht gehouden, zult u zeggen. Haalt niets uit, de kat opent hem zelf. Voor het eerst sinds mensenheugenis, sinds ons huwelijk in elk geval, hebben we namelijk een intelligente kat, ik kan er maar niet aan wennen.

'Ja maar papa, dat is nou eenmaal zijn instinct,' doceert mijn bijdehante dochter en aan de manier waarop ze het uitspreekt, kan je horen dat ze ook nog weet hoe je dat schrijft. Dat weet ik natuurlijk ook wel en daarom heb ik zojuist een belachelijk duur blikje voer voor hem gekocht. Zalmmouse! Ik denk vaak: het moet niet gekker worden, maar ik weet altijd: het wordt toch nog gekker. Ik probeer het ook maar niet meer uit te leggen, ik heb al moeite genoeg om de kinderen een beetje consequent op te voeden.

Dat neemt allemaal niet weg dat die kat eigenlijk precies doet waarvoor hij is aangenomen. Hij ligt lekker op de schoot van mijn vrouw te spinnen als die op de bank naar de tv probeert te kijken, hij kruipt 's avonds bij mijn dochter in bed om haar te helpen inslapen, ligt overdag decoratief op de vensterbank, bewaakt het erf tegen katten-indringers en, vooral, hij vangt dus muizen. En dat kan je van die vier andere uitvreters in onze veestapel niet zeggen. Onze eieren komen gewoon uit de supermarkt of van de scharrelboerderij.

Als ik een kip was, zou ik me, zo aan het begin van het barbecue-seizoen, serieuze zorgen maken. Maar hoogstwaarschijnlijk hebben ze andere dingen aan hun hoofd.

'Ik hoop niet dat onze kippen ook de vogelpest krijgen,' vertaalt onze zoon het nieuws naar de thuissituatie.

Vast niet, daar zullen ze ook wel weer doorheen zwijnen.