Een uitgave van mats bv ©
DIRECTIE
Jaargang X, 44
Er waren bloemen van haar werk, een paar bossen van verschillende afdelingen zelfs, van het schoolbestuur waarin ze de penningmeesteres is, van haar oude collega’s en van vrienden waarvan we dachten dat ze toch echt wel iets anders aan hun hoofd hadden. Allemaal met de allerbeste wensen, van harte beterschap en bepaald geen kinderachtige bosjes. Sommige door de afzender zelf bezorgd in ruil voor een kopje thee dat ze dan ook zelf moesten zetten, andere bezorgd door de boekettenbezorgservice, maar allemaal even hartelijk bedoeld.
Ik was nog plaatsvervangend trots op die bloemenhulde, vond ook dat ze het dik verdiend had en ben er tevens van overtuigd dat het niet zo’n vaart gelopen zou hebben als ikzelf aan een hernia zou zijn geopereerd. Omdat wij alleen zo nu en dan een bosje tulpen van onszelf krijgen, zitten wij niet breed in onze vazen, we hebben er eigenlijk maar één, en dus waren waterkaraffen, jampotten en zelfs de champagnekoeler ingeschakeld. Overigens krijgen we nog vaker een bosje tulpen van onszelf dan champagne, dus die koeler mocht ook gerust wel eens aan het daglicht.
Maar zelfs het hardnekkigste bosje bloemen was inmiddels uitgebloeid en dit weekend heb ik alles in de groene container gedonderd.
Wij mantelzorgers onder elkaar weten dat dit een heel kritisch moment is. Twee weken na de operatie. De patiënt voelt zich goed, de pijnstillers worden een beetje geminderd en de therapeutische blokjes rond het huis worden al langer. Dan kun je wachten op de terugslag omdat de patiënt, en dat geldt zeker voor ónze patiënt, ongeduldig wordt en de zaak wil forceren. Als de patiënt dan tevens eigenwijs is, en dat geldt zeker voor onze patiënt, krijgt de verzorgende omgeving, wij dus, al snel zoiets van ‘wie niet horen wil, moet maar voelen’. Maar als ze dan weer veel stoerder heeft gedaan dan verstandig is, als ze weer gezellig met ons aan tafel heeft meegegeten en nog vóór het toetje terug naar bed moet, voelen we ons weer verschrikkelijk schuldig dat we niet veel strenger zijn geweest.
We willen natuurlijk allemaal dat alles weer zo snel mogelijk gewoon wordt, maar zoals vroeger zal het niet meer worden, hebben we ons voorgenomen en dat bedoelen we niet eens schijnheilig.
Nu de huishoudelijke taken noodzakelijkerwijs wat eerlijker zijn verdeeld, moeten we toch wel constateren dat dat eerder niet het geval was. Tegelijkertijd mogen we constateren dat zo’n heel huishouden bij elkaar misschien wel een hoop werk is, maar als het opgedeeld wordt in verschillende klussen, zijn het allemaal eigenlijk kleine moeites. Als je de tafel moet afruimen, kun je wel alles op het aanrecht kwakken, maar het kan net zo goed meteen in de afwasmachine en de koelkast. En om de was op bont en wit te sorteren, hoef je ook echt niet gestudeerd te hebben.
Een beetje opletten en rekening houden met elkaar. Zo heb ik een hele tijd op de wasdroger staan te wachten omdat ik het bed van een van de kinderen nog moest opmaken voordat ik op een kort zakenreisje ging. Eten voor twee dagen voorbereid, de kinderen stevig geïnstrueerd en natuurlijk vanuit den vreemde even gebeld of alles goed gaat.
‘Ja prima, dank je. Ik heb net de verwarmingsmonteur over de vloer gehad, er moet een nieuwe thermostaat in. De wasmachine-reparateur komt zo meteen ook, want de machine klinkt niet jofel bij het centrifugeren. O ja, of je de garage nog even wil bellen. Vanmiddag komen dan nog twee collega’s op bezoek. En ik denk dat ik toch maar naar die belangrijke vergadering van het schoolbestuur ga.’
Tja, er moet er natuurlijk één de leiding hebben.
