Een uitgave van mats bv ©

FRISSE NEUS

Jaargang VIII, 27

Als op zondag de bedden verschoond en gelucht worden, maken wij altijd van de gelegenheid gebruik om op, onder en in de buurt van het ouderlijk bed wat lichamelijke oefeningen te doen die in de eerste plaats gericht zijn op het kwijtraken van overtollige energie. Kussengevechten en dergelijke.

'We zijn nu op level 10, ' gilt de dochter terwijl ze haar puntige knieën in mijn zwevende ribben boort. Dat klinkt heel gemeen, maar ze heeft eerst gewaarschuwd dat ze er aan kwam met een ijselijke Tarzan-kreet. Zodat ik mijn geoefende lijf schrap kon zetten. Het zou pas gemeen zijn als ze zonder aankondiging zou springen; dat doet ze alleen zogenaamd per ongeluk.

'O ja?,' kreun ik, 'hoeveel levels zijn er eigenlijk?' Ik vraag me wel eens af hoe lang ik deze leuke huiselijke traditie nog vol kan houden. De kinderen worden groter, gevaarlijker en zwaarder en ik word ouder, in tegenovergestelde richting.

'Zevenendertig. Maar dat zijn dan ook de supreme levels.' We spelen misschien iets te veel op de computer tegenwoordig?

'Ja,' zegt mijn zoon, terwijl hij achteloos op mijn hoofd gaat zitten, 'daar krijg je bonuspunten.'

'IiiAaa, dubbele bonuspunten,' daar komt zij weer aanvliegen vanaf het hoofdeinde, mét waarschuwing.

Kinderen houden je jong en lenig, zeg ik altijd. Van lichaam, maar vooral ook van geest. We doen serieus ons best om het een beetje bij te houden, zoveel mogelijk met behoud van eigen waardigheid. Als de zoon een probleem heeft op de spelcomputer, weet hij dat hij bij zijn vader terecht kan. Met de gebruiksaanwijzing erbij komen we vaak een heel eind. We zijn samen naar de film Harry Potter geweest. De dochter mocht zelfs twee vriendjes meenemen naar het jaarlijkse kinderpopconcert in Ahoy van hun favoriete televisiezender. We konden de meeste liedjes allemaal meezingen. Op datzelfde evenement loopt mijn zoon zijn grote idool de goochelaar Christian Farla – wie kent hem niet? - tegen het lijf. Hij versiert een handtekening en ik maak een foto.

Maar soms is het nodig om vanuit de ruimte met twee voeten op aarde terug te komen. Van achter de computer, het toetsenbord en de televisie naar de buitenlucht. En dan is het niet voldoende dat we Natuurrangers zijn, dat we de trouwste lezers zijn van de TamTam en elkaar de natuur-moppen voorlezen van pagina twee. Het is tijd voor een frisse neus.

Zo werd het tijd dat mijn vrouw besloot dat we op vakantie gaan naar bossen, meren, bergen en frisse lucht. Met hier en daar een kasteel van Doornroosje. We gaan heel lange wandelingen maken en samen allerlei dingen bekijken. En als we 's avonds doodmoe neerploffen op onze vier-bedden-op-een-kamer, met van die grote donzen dekbedden, dan hebben ze daar niet eens televisie dus dan moeten we elkaar wel verhaaltjes vertellen om in slaap te vallen.

Vreemd genoeg hebben we er allemaal erg veel zin in.