Een uitgave van mats bv ©

HAAR

Jaargang XII, 24

‘Jij gaat volgende week naar de kapper,' stelt mijn vrouw plompverloren tegen mijn zoon tijdens de lunch.

Ho! Stop! Wacht even. Gaandeweg dit huwelijk wordt het allengs duidelijker dat het schip over het algemeen slechts één kapitein kan hebben en het zal niet lang meer duren of iedereen heeft zich daar ook bij neergelegd, maar dit is een van de bekende uitzonderingen op de huisregels.

Want wat is opvoeden nou eigenlijk? Nou, eh..van alles, maar in elk geval ook dat je je eigen jeugdtrauma's voor je kinderen een beetje probeert te omzeilen.

En haren en kappers liggen sinds jaar en dag bij mij uiterst gevoelig. Nou ben ik van de tijd dat haren en met name de lengte ervan een punt waren. Ook al had je in die jaren niet echt veel om je tegen af te zetten, dan in elk geval toch wel de truttigheid en de burgerlijkheid. En het best ging dat met lange haren. Daar kreeg je het bevoegde gezag altijd wel leuk mee op de kast. Zo ook mijn ouders. Zoals elk kind, wist ik feilloos hoe ik mijn ouders moest bespelen, om niet te zeggen uitspelen. En lange haren was nou typisch iets waarvan mijn moeder over haar apengatje gezegd zou kunnen hebben: 'Ach, laat de jongen toch.' Mooi niet dus. Zij was degene die me altijd stuurde! Vaak ook nog vlak voordat een rapport in aantocht was.

En dan was ik niet eens een echte hippie, met van die haren tot op je kont. Ik was meer van het alternatieve, type Che Guevara. Helemaal precies weet ik het niet meer, maar dat zal vast wel te maken hebben gehad met het KVP-lidmaatschap van mijn vader.

Misschien stel ik me aan, misschien ben ik wel overgevoelig, maar ik ben in elk geval niet de enige man die dat heeft. Noem ik alleen maar Samson; die van Delilah.

Zodra ik dan ook bemerkte dat mijn zoon buitengewoon gevoelig is in zijn nekharen – letterlijk – begreep ik dat de jongen qua haar op mij moest kunnen rekenen.

De keuze van een kapper, bijvoorbeeld, luister erg nauw.

Hij en ik gaan sinds jaar en dag naar Jack de Knipper. Ik vanwege Jack zelf, omdat niemand de authentieke wilde Guevara-stijl zo beheerst als hij. Als Jack vijf minuten aan mij bezig is geweest en de wolk van haren om me heen is gaan liggen, zit het altijd precies zoals ik het hebben wil.

Mijn zoon gaat vanwege lieftallige Miranda. Hoewel ze er aanzienlijk beter uitziet dan Jack, is Miranda van hetzelfde no nonsense-type. Maar ze weet wel precies hoe jongetjes vandaag de dag erbij horen te lopen, dus kunnen wij ons haar rustig in haar handen leggen.

'Maar iedereen vindt het leuk zo, mama.'

'Het is geen gezicht, het is veel te lang.'

'Lieve schat…,' zeg ik rustig. Niet nodig om me op te winden, want dit is allemaal al eerder gepasseerd. Ze probeert het gewoon. Ik zie dat ook mijn zoon rustig een hap neemt van zijn boterham met veel te veel pindakaas. Het is gewoon een goed gevoel als je zoon in kritieke situaties blindelings op je vertrouwt.

'…dit hebben we allemaal al eens meegemaakt. Jij gaat hier niet over.'

En dan geeft ze het ook op. Ze weet het. Ik zie het niet als een overwinning voor de jongen en mij; het hoort gewoon zo.

Ik kijk mijn zoon eens aan van opzij. Het is inderdaad geen gezicht. Maar ikzelf wilde niet eerder dan over twee weken weer naar Jack.

Eens kijken wat we ondertussen met gel kunnen.