Een uitgave van mats bv ©

LIJN

Jaargang XII, 15

‘Waarom wilt u afvallen, meneer Heffels,’ vraagt de hinderlijk goed gefigureerde diëtiste.

‘Het moet van mijn vrouw,’ antwoord ik geheel naar waarheid.

‘En u mag gerust Mat zeggen, hoor.’

‘Dat is geen goede start, Mat. Je moet het zelf echt willen.’

Natuurlijk kent deze demonstratief slanke dame mijn vrouw niet, die heeft namelijk niets bij een diëtiste te zoeken, want anders zou ze weten dat mijn vrouw haar dienstbevelen altijd zo weet in te kleden dat het lijkt alsof ik ze zelf verzonnen heb.

Zo van: ‘Wij maken ons gewoon zorgen om je gezondheid, schat.’ Dus niet: ‘Ik vind het geen gezicht die bolle buik over de riem van je spijkerbroek’, maar zorgvuldig ‘wij’ gebruiken, om het beeld op te roepen van een zielig vaderloos gezinnetje na mijn verscheiden aan vetzucht.

En mijn dochter, waar ook geen gram te veel aan zit, is niet te beroerd om een duit in het zakje te doen.

‘Je boft maar met mama, hoor papa, dat ze zo bezorgd om je is.’

Ja hoor.

Mijn zoon, van wie ik toch enige solidariteit mag verwachten, houdt zich veiligheidshalve op de vlakte. Voordat je het weet, moet hij denken, slaat de aandacht over op hem. Hoewel hij bij zijn laatste bezoek aan de schoolarts te horen heeft gekregen dat zijn gewicht in overeenstemming is met zijn lengte. Omdat hij nog in de groei is, natuurlijk.

Okee, okee dat traditionele kilootje te veel is bij mij misschien inmiddels een paar kilootjes geworden. Mede omdat ik niet meer in de lengte groei. Maar wiens schuld is dat nou eigenlijk?

‘Als jullie niet zo zouden zeuren, was ik al lang uit eigen beweging gaan lijnen,’ doe ik de waarheid en redelijkheid geweld aan.

En van wie heb ik ook alweer die Beertender cadeau gekregen? Van Sinterklaas? Dat ding staat toch hopelijk niet in de keuken om mijn zelfbeheersing te testen. En hebben wij laatst niet ons huwelijk afgestoft en opgefrist in een bourgondisch hotel-restaurant? Daar hebben we echt niet op water en brood geleefd. En waarom ga ik eigenlijk twee keer in de week naar de sportclub? Iedereen weet dat spieren zwaarder zijn dan vet. Dat geeft dus een vertekend beeld. Ik heb de frequentie niet voor niets teruggeschroefd naar één keer in de week.

Hoe dan ook, op een gegeven moment loop je net een keer te vaak langs een onverwachte spiegel. Vergeten je buik in te houden. Schrikken. En dan komt het moment dat je definitief voor gaatje twee in je riem moet kiezen, terwijl je tot voor kort op goede dagen nog gaatje drie kon nemen.

En nu zit ik dus tegenover dat wandelende uithangbord van haar eigen praktijk.

Ze probeert mijn motivatie te kietelen met een elektronische lijfmeting. Nep, volgens mij. Want eerst vergist ze zich en vult ze bij ‘geslacht’ ‘V’ in. Dat overkomt me niet vaak. Zonder me opnieuw te meten verandert ze ‘V’ in ‘M’ en zie: mijn vetpercentage zakt in een keer met een aantal procenten. De eerste winst zullen we maar zeggen. Verder deugt er niet veel van mijn lijf, qua vet en water en wat dies meer zij, behalve de spiercellen, die zijn dik in orde. Dus.

Maar goed, het gratenpakhuis mag er dan weinig fiducie in hebben, ik stap welgemoed en hevig gemotiveerd haar praktijk uit. Na twee weken dieet zal ik 7 kilo minder wegen en daarna gaat het met anderhalve kilo per week. Dat betekent dat ik ruim voor het bikiniseizoen in vorm ben. Jammer eigenlijk dat ik door een paar zakelijke dinerafspraken pas over twee weken met het dieet kan beginnen.