Een uitgave van mats bv ©

OP KAMP

Jaargang XII, 18

Mijn dochter is twee dagen op kamp. Een soort afsluiting van de basisschool. En hoewel dat dus een evenement van jewelste is en een heuse mijlpaal, zijn wij daar heel volwassen mee omgegaan. Je kunt zo langzamerhand aan alles merken dat wij over nauwelijks een jaar ons twaalfeneenhalfjarig ouderjubileum vieren.

Mijn vrouw heeft de eerste paar uur van de dag vrij genomen om haar uit te zwaaien. Dat wilde ik eerst ook, maar op het laatste moment hebben we ingezien dat het misschien een beetje kinderachtig is om met z’n tweeën aan het schoolhek te staan. Ik ben dus eerste reserve op de achtergrond. Dat blijkt toch nog handig. Het kind heeft namelijk nadrukkelijk zelf haar tas ingepakt. Hooguit met hier en daar een kleine aanwijzing van haar moeder. En dat is te merken. Een grote vuilniszak vol, een bijna ontploffende rugzak en nog een oprolbaar matrasje los. Ik breng de bagage die ze zelf niet naar de bus kan dragen onopvallend na. Hoewel ik daarmee ruim een uur te vroeg ben, leg ik haar spullen op een stapel andere bagage die doet denken aan een hulpactie van de Verenigde Naties bij een ernstig getroffen rampgebied. En dat is dan alleen van de meiden, want de jongens komen niet zo vroeg. Met dergelijke hoeveelheden troep zou een bus mannen het een paar maanden in de wildernis kunnen uithouden, ervan uitgaande dat mannen alleen spullen meenemen die ze nodig hebben, wat bij vrouwen natuurlijk helemaal niet zo logisch en vanzelfsprekend is. Even generaliserend, maar wel proefondervindelijk.

Natuurlijk vraag ik tenslotte nog of ze geld nodig heeft. Ik weet wel dat de instructies zijn dat ze niets mee hoeven nemen, maar je weet maar nooit. Ze heeft niets nodig. Ze heeft nooit iets nodig. Ze heeft meer geld in haar goed verstopte portemonneetje dan ik lang bij elkaar heb gezien. Ook daar zijn mannen heel anders in. Wij besteden misschien niet zoveel aandacht aan de voorbereiding maar zorgen wel dat we altijd genoeg geld bij ons hebben voor onverwachte uitgaven. Mijn dochter verwacht geen onverwachte uitgaven. Misschien wel té beschermd opgevoed. Na enig aandringen accepteert ze vijf Euro. Maar goed dat haar broer even niet in de buurt is, die zou dit emotioneel niet hebben kunnen verwerken. De jongen heeft namelijk altijd geld nodig. Zijn nauwelijks verstopte portemonnee is zo plat als die van mij al lang niet meer is geweest.

Het is nog maar het begin. Want in de grote vakantie gaat ze een hele week met een vriendin op zeilkamp.

‘Het is ook leuk als ze groot worden,’ zeg ik tegen mijn vrouw.

‘Nou en of,’ zegt die. ‘Maar ik zou het wel leuk vinden als de jongen ook zoiets ging doen ik de grote vakantie.

‘Dat pak je dan niet erg handig aan,’denk ik, maar zeg ik natuurlijk niet hardop. Omdat ik tegelijk met mijn dochter een paar dagen van huis ben, is voor hem een speciaal programma samengesteld. Dat begint vanavond met een bezoek aan een gerenommeerd pannenkoekenrestaurant en eindigt natuurlijk gezellig met z’n tweeën in het grote bed. En dat mag ook wel, want hij heeft uitgerekend nu, nu zijn zus op kamp is, de generale repetitie voor de Citotoets van volgend jaar. Zo krijgen we die jongen natuurlijk nooit het huis uit.

Die gaat voor het eerst op kamp tijdens het introductieweekend van de universiteit.

Dan kom ik niet weg met vijf Euro, ben ik bang.