Een uitgave van mats bv ©

TARZAN

Jaargang X, 10

De zoon is uitgenodigd voor de verjaardagspartij van twee vrienden tegelijkertijd en dat belooft dan ook meteen het evenement van het seizoen te worden. Ze gaan op survival. Survival is Engelse nieuwerwetsigheid, maar in feite zo ongeveer vergelijkbaar met het goed Nederlandse begrip dropping. In beide gevallen worden de slachtoffers of deelnemers ergens in het wild aan hun lot overgelaten en erg vies. Bij een dropping is het meestal donker en moet je maar zien dat je de weg terug vindt, waarbij je over het algemeen de neus maar in de wind hoeft te houden omdat de snert al klaar staat bij het eindpunt. Bij een survival is het meestal klaarlichte dag maar word je onderweg naar huis gehinderd door allerlei min of meer natuurlijke hindernissen. Bij een survival staat de snert niet klaar, maar moet je eigenlijk onderweg zelfgevangen kippen doodbijten en boven een geïmproviseerd kampvuur roosteren.

Dat gedeelte hebben ze voor de jongens overigens overgeslagen, er is voor iedereen achteraf patat.

Eigenlijk hebben een dropping en een survival dus als belangrijkste overeenkomst dat je er erg vies van wordt. En er is nog een overeenkomst: het gaat altijd door, ongeacht het weer. Sterker nog, sommigen vinden het leuker naarmate het weer slechter wordt. De uitnodiging voor deze survival-partij gaat vergezeld van onheilspellende instructies. Niet alleen word je geacht je kind te sturen in zijn oudste kloffie, maar daarvan moet je ook nog een complete reserve-set meenemen. Tot en met de onderbroek. Dat op de dag zelf een waterig zonnetje wordt afgewisseld en opgeleukt door sneeuw-, hagel- en regenbuien mag de pret dan ook niet drukken, integendeel.

Wij vinden alles best. Wij hebben in het verwarmde winkelcentrum namens alle gasten de gezamenlijke cadeautjes gekocht en die leveren we samen met onze zoon bij de feestvarkentjes af. En dan vlug terug naar de open haard. Omdat we hem gebracht hebben, hoeven we hem niet te halen en dat is slim bekeken van ons, want we hebben beige vloerbedekking in de auto en dat willen we nog even zo houden.

Als hij na afloop wordt teruggebracht, zetten we er kort de brandslang op en dan kan hij meteen naar bed.

De verhalen komen dan later. Bijvoorbeeld de volgende dag als er een nabespreking is met een vriend die ook was uitgenodigd, bij ons aan de eettafel. Dan blijkt dat onze zoon zich vol overgave in de modder en blubber heeft gestort, zoals ons ook al gebleken was uit zijn kleren, die we na afloop onmiddellijk hebben moeten afmaken, en dat die vriend – normaal niet voor een kleintje verveerd – het eigenlijk maar een koude, natte en vieze bedoening heeft gevonden.

Nou ja, ieder zijn meug, denken wij en even later hebben we het alweer over iets heel anders, namelijk wat iedereen later wil worden.

‘Nou,’ zegt onze dochter, die zich tot nu toe een beetje afzijdig heeft gehouden in het gesprek, ‘jij zult later in elk geval geen Tarzan worden, hè Bart?’