Een uitgave van mats bv ©

VOORZICHTIG BEGINNEN

Jaargang IX, 12

Omdat ik doordeweeks vrij ben en de rest moet werken of naar school, doe ik het huishouden. Dat kan ik heel goed, dat is logisch en eerlijk geëmancipeerd, maar dat is natuurlijk ook makkelijker gezegd dan gedaan. Voorzichtig beginnen.

De maandag kent weinig problemen. Mijn zoon moet even bij de dokter langs en dat is dus vanzelf een één-ouder-één-kind-situatie. Daar was ik sowieso voor ingeschakeld. Na het consult gaan we meteen maar even samen bij de apotheek langs; dat is gezellig en we zijn nu toch te laat.

Juf knikt me toe dat ze gewaarschuwd was, als ik hem tot aan de deur breng. Vandaag blijven ze over, ik heb de dag aan mezelf en kan heel leuk een beetje zakendoen aan de telefoon en rustig het ochtendblad doornemen. Tussendoor stofzuig ik. Mijn vrouw had me terloops verteld dat ze gewoonlijk op maandag het hele huis even grondig stofzuigde. Zij neemt, op de terugweg van kantoor, na schooltijd kinderen mee naar huis. Ik zeg met opzet niet dé kinderen, want het is altijd maar afwachten wie er meekomt. Ik kan daar maar moeilijk aan wennen, maar iedereen doet eraan mee. Na school is er op het schoolplein een ware ruilbeurs van kinderen. Wij scoren vandaag niet slecht: drie meiden, onze eigen dochter en twee vriendinnen. De jongen gaat ergens spelen en blijft daar natuurlijk meeëten.

'Wie ben jij, klein meisje,' brom ik vriendelijk tegen een van de twee meiden op visite. Het kind schudt me stralend en vriendelijk de hand en stelt zich netjes voor. Eerst limonade, dan naar zolder. Zoonlief heeft drié pannenkoeken op, blijkt als ik hem later ga ophalen. Anders had ik dat vanuit mijn werk gedaan, niets nieuws onder de zon.

Dinsdag op volle kracht er tegenaan. Ze blijven niet over, dus tussen de middag vlug boterhammen en tandenpoetsen. Dat hoeven we nooit van mamma. Dat klopt, maar van mamma moet je vooraf handen wassen en dat hebben we vandaag ook niet gedaan. Onder schooltijd naar de stomerij, het postkantoor en gemeentehuis. Dat loopt gesmeerd, overal parkeerplek, want iedereen zit op kantoor. Mijn vrouw ook, realiseer ik me, die doet deze boodschappen normaal gesproken met iedereen tegelijk in het spitsuur. De zoon wil na school met iemand mee spelen, maar ik heb liever dat hij een vriendje meeneemt omdat ik thuis moet zijn voor de elektricien. Dat worden dus twee vriendjes. Mijn vrouw brengt de dochter naar ballet. Even dreigt er paniek als een moeder van een van de vrienden van mijn zoon samen met de elektricien aan de deur staat terwijl ik aan de telefoon ben. Maar ze vinden het zelf en met de tweede moeder kan ik zelfs even zitten. Ik kook aardappelen, groenten, vlees en ze vinden het heerlijk.

'Morgen boodschappen zeker?' vraag ik mijn vrouw ‘s avonds op de bank, vlak voordat ik een beetje moet zijn weggesukkeld.

Nou moet ik niet overmoedig worden.